Hier word je slimmer van : 151 denkers delen hun favoriete inzichten
153 x cafeïne voor je geest : wetenschappers onthullen waar ze wakker van liggen
153 x cafeïne voor je geest : wetenschappers onthullen waar ze wakker van liggen
In de reeks:
Edge.org
Nederlands
2014
Volwassenen
Korte essays en observaties van vooraanstaande wetenschapsbeoefenaars en denkers over hedendaagse ontwikkelingen en trends.
Details
Onderwerp
Wetenschappen
Extra onderwerp
Titel
153 x cafeïne voor je geest : wetenschappers onthullen waar ze wakker van liggen
Samensteller
John Brockman
Taal
Nederlands, Engels
Oorspr. taal
Engels
Oorspr. titel
What should we be worried about? : real scenarios that keep scientists up at night
Parallelle titel
153 maal cafeïne voor je geest : wetenschappers onthullen waar ze wakker van liggen
Editie
1
Uitgever
Amsterdam: Maven Publishing, 2014
487 p.
487 p.
ISBN
9789491845192
Besprekingen
Leeswolf
The Edge Foundation en de website edge.org zijn een initiatief van de Amerikaanse schrijver John…
The Edge Foundation en de website edge.org zijn een initiatief van de Amerikaanse schrijver John Brockman. Het is een poging om mensen bij elkaar te krijgen die zich bezighouden met thema's uit de postindustriële tijd. Ieder jaar lanceert edge.org een vraag gericht aan een aantal gespecialiseerde wetenschappers, denkers, academici en andere. De vraag voor 2013 luidde: ‘Waar maak je je om wetenschappelijke redenen zorgen om, wat nog niet op de populaire radar staat?’ Het resultaat van deze bevraging is 153 x cafeïne voor je geest, een zeer gevarieerde mix van diverse essays.
De kwaliteit van de bijdragen is globaal gezien vrij goed. Het boek is gelukkig geen opsomming geworden van alle mogelijke scenario's die het einde van de mensheid en de aarde beschrijven. Een aantal auteurs maakt zich vooral zorgen over de ontwikkelingen in het eigen vakgebied. Zo is Peter Woit, een mathematisch fysicus, verontrust over het feit dat de Large Hadron Collider geen nieuwe fenomenen ontdekt heeft ‘voorbij het standaardmodel’. Een mening die wordt gedeeld door Amanda Gefter, adviseur van New Scientist, die evenwel stelt dat we nog met genoeg anomalieën en paradoxen zitten.
Andere auteurs zoeken de antwoorden in maatschappelijke domeinen die ons allemaal aanbelangen. Zo stelt journaliste Xeni Jardin dat we de strijd tegen kanker bij lange na nog niet gewonnen hebben. ‘Het beste wat de evidence-based geneeskunde vrouwen anno 2013 te bieden heeft is nog steeds gif, snijden, branden, en als afmakertje weer een portie gif.’ Andere bijdragen bevatten een redelijk sciencefictiongehalte. Astronoom Seth Shostak behandelt in zijn essay de vraag in hoeverre we moeten beletten dat radiosignalen nog de ruimte ingaan. Zijn conclusie is simpel: ‘het is te laat om ons er zorgen over te maken.’
Het internet is ongetwijfeld ook een belangrijke bron van zorgen. Wetenschapshistoricus George Dyson stelt het feit aan de kaak dat we geen plan B hebben om een eenvoudig noodcommunicatienetwerk met lage bandbreedte op te kunnen starten voor het geval het internet uitvalt. Computerdeskundige David Gelernter stelt verder dat het vermogen van de maatschappij om schriftelijk te communiceren geleidelijk in verval zal raken door het internet.
Maar hoeven we ons nog zorgen te maken? ‘Er is niets om je zorgen over te maken, en dat is altijd zo geweest,’ stelt Virginia Heffernan, correspondent van Yahoo! News. ‘Zorgen snoeren ons de keel af,’ stelt psychiater Joel Gold, ‘ze brengen ons in een toestand van passiviteit en hulpeloosheid.’ Psycholoog Robert Provine erkent dat te veel zorgen leiden tot wanhoop, angst en paranoia.
De bijdragen kunnen willekeurig worden gelezen. De essays uit een bepaald vakgebied staan soms gegroepeerd, maar dit is niet altijd het geval. Achteraan is een index met auteursnamen opgenomen. Het boek vereist een brede wetenschappelijke interesse gezien de vele disciplines die aan bod komen. Het is ook geen werk om in één ruk uit te lezen. Wie bepaalde stellingen ten volle wil doorgronden, moet deze toch wat laten bezinken. In die zin is het boek een ideaal vertrekpunt om discussies of groepsgesprekken te initiëren over diverse wetenschappelijke onderwerpen. [Kris Muylle]
De kwaliteit van de bijdragen is globaal gezien vrij goed. Het boek is gelukkig geen opsomming geworden van alle mogelijke scenario's die het einde van de mensheid en de aarde beschrijven. Een aantal auteurs maakt zich vooral zorgen over de ontwikkelingen in het eigen vakgebied. Zo is Peter Woit, een mathematisch fysicus, verontrust over het feit dat de Large Hadron Collider geen nieuwe fenomenen ontdekt heeft ‘voorbij het standaardmodel’. Een mening die wordt gedeeld door Amanda Gefter, adviseur van New Scientist, die evenwel stelt dat we nog met genoeg anomalieën en paradoxen zitten.
Andere auteurs zoeken de antwoorden in maatschappelijke domeinen die ons allemaal aanbelangen. Zo stelt journaliste Xeni Jardin dat we de strijd tegen kanker bij lange na nog niet gewonnen hebben. ‘Het beste wat de evidence-based geneeskunde vrouwen anno 2013 te bieden heeft is nog steeds gif, snijden, branden, en als afmakertje weer een portie gif.’ Andere bijdragen bevatten een redelijk sciencefictiongehalte. Astronoom Seth Shostak behandelt in zijn essay de vraag in hoeverre we moeten beletten dat radiosignalen nog de ruimte ingaan. Zijn conclusie is simpel: ‘het is te laat om ons er zorgen over te maken.’
Het internet is ongetwijfeld ook een belangrijke bron van zorgen. Wetenschapshistoricus George Dyson stelt het feit aan de kaak dat we geen plan B hebben om een eenvoudig noodcommunicatienetwerk met lage bandbreedte op te kunnen starten voor het geval het internet uitvalt. Computerdeskundige David Gelernter stelt verder dat het vermogen van de maatschappij om schriftelijk te communiceren geleidelijk in verval zal raken door het internet.
Maar hoeven we ons nog zorgen te maken? ‘Er is niets om je zorgen over te maken, en dat is altijd zo geweest,’ stelt Virginia Heffernan, correspondent van Yahoo! News. ‘Zorgen snoeren ons de keel af,’ stelt psychiater Joel Gold, ‘ze brengen ons in een toestand van passiviteit en hulpeloosheid.’ Psycholoog Robert Provine erkent dat te veel zorgen leiden tot wanhoop, angst en paranoia.
De bijdragen kunnen willekeurig worden gelezen. De essays uit een bepaald vakgebied staan soms gegroepeerd, maar dit is niet altijd het geval. Achteraan is een index met auteursnamen opgenomen. Het boek vereist een brede wetenschappelijke interesse gezien de vele disciplines die aan bod komen. Het is ook geen werk om in één ruk uit te lezen. Wie bepaalde stellingen ten volle wil doorgronden, moet deze toch wat laten bezinken. In die zin is het boek een ideaal vertrekpunt om discussies of groepsgesprekken te initiëren over diverse wetenschappelijke onderwerpen. [Kris Muylle]
NBD Biblion
Drs. Can Kumru
Een bundel van inspirerende gedachten van grote denkers van onze tijd waarbij de achterliggende…
Een bundel van inspirerende gedachten van grote denkers van onze tijd waarbij de achterliggende gedachte was in kaart te brengen welke zorgen ze hadden over zaken die volgens de gevraagde wetenschappers en denkers te weinig of te veel aandacht krijgen. In 153 verschillende essays (variërend in lengte van enige regels tot enkele pagina's) wordt de lezer meegenomen in de wereld van deze invloedrijke medeburgers. Is het zinvol om mensen heel oud of onsterfelijk te laten worden? Moeten we echt bang zijn voor een buitenaardse invasie? En wat wordt verstaan onder de 'error catastrophe treshold'? Deze en vele andere vragen en wetenswaardigheden worden allemaal geanalyseerd en befilosofeerd in dit bijzondere boekwerk door denkers zoals David Buss, Robert Kurzban en vele anderen zoals Terry Gilliam (regisseur van Monty Python). Alhoewel het niet altijd eenvoudig is om de tekst te doorgronden, is het een prettig leesbaar geheel waarbij je een totaal nieuw beeld krijgt omtrent onderwerpen waar je je in eerste instantie niet al te druk over maakte. Een aanrader voor iedereen die verder wil kijken dan zijn eigen horizon.