Madame Bovary : provinciaalse zeden en gewoonten
Geluk is onmogelijk : een keuze uit zijn brieven
Geluk is onmogelijk : een keuze uit zijn brieven
In de reeks:
Privé-domein
; #262
Nederlands
2006
Volwassenen
Brieven uit de periode 1857-1880 van de Franse schrijver (1821-1880).
Details
Persoononderwerp
Flaubert, Gustave
Extra onderwerp
Titel
Geluk is onmogelijk : een keuze uit zijn brieven / Gustave Flaubert ; samengest., vert. en van een voorw. voorz. door Edu Borger
Auteur
Gustave Flaubert
Samensteller
Edu Borger
Taal
Nederlands, Frans
Oorspr. taal
Frans
Uitgever
Amsterdam: De Arbeiderspers, 2006
347 p.
347 p.
ISBN
90-295-6380-X
Besprekingen
Leeswolf
Na een eerste selectie brieven verschenen onder de titel Haat is een deugd (1979), de uitgave van de…
Na een eerste selectie brieven verschenen onder de titel Haat is een deugd (1979), de uitgave van de correspondentie tussen Flaubert (1821-1880) en George Sand (We moeten lachen en huilen (1992)) en de brieven aan Louise Colet (De kluizenaar en zijn muze (1857)) in het fonds Privé-domein, wordt de draad weer opgepakt door Edu Borger met een nieuwe selectie in het brievenboek Geluk is onmogelijk dat de tweede helft van het leven van deze 19e-eeuwse Franse schrijver beslaat. Hij werkt dan, na jaren van lezen en documenteren aan de historische roman Salammbô (1858), schrijft De leerschool der liefde (1870) en slaagt er net niet in Bouvard en Pécuchet (1881, postuum) te beëindigen. Maar groot briefschrijver als hij is, blijft hij een drukke correspondentie onderhouden met collega schrijvers, vrienden, bewonderaars. Geadresseerden zijn onder meer zijn goede vrienden Théophile Gautier en Louis Bouilhet, de Russische schrijver Toergenjev, de gebroeders Goncourt, de toneelschrijver Ernest Feydeau, de dichter Baudelaire, zijn grote liefde Élisa Schlésinger en een aantal vrouwen die er een salon op nahielden of hem als schrijver bewonderden. Meestal gaf hij in zijn brieven zijn ongezouten mening -- en daarom zijn ze ook zo direct aanspreekbaar en ongemeen grappig om lezen -- over het leven bv. en de mensheid (" De mensen zijn varkens, zoveel is zeker, en het leven is een smerig beroep."), over de vrouwen ("De besten onder hen zien er niet tegen op aan deuren te luisteren, brieven te openen en allerlei klein verraad te plegen. Dat komt allemaal door hun orgaan. Waar de man een Verhevenheid heeft, hebben zij een Gat."), over de literatuur en zijn beoefenaars ("eerlijk gezegd mag de Kunst nooit dienen als preekstoel voor welke ideologie dan ook, op straffe van haar waardigheid te verliezen."), over de politiek, de Frans-Duitse oorlog en de Commune ("Die ellendige idioten zorgen ervoor dat de verkeerde mensen gehaat worden. Niemand denkt nog aan de Pruisen. Nog even en we gaan van ze houden.").
Maar naast deze oprispingen en de verhalen over meer alledaagse onderwerpen, gaat het vooral ook over zijn werk en over zijn worsteling met de stijl. Over zijn eenzaamheid ook en het teruggetrokken leven dat hij bewust is aangegaan om te kunnen schrijven -- en dat meteen ook de reden is om brieven te schrijven, als een middel om toch nog contact te houden met de buitenwereld. Met als resultaat een der boeiendste brievenverzamelingen die er bestaan.
[Jan Baes]
Maar naast deze oprispingen en de verhalen over meer alledaagse onderwerpen, gaat het vooral ook over zijn werk en over zijn worsteling met de stijl. Over zijn eenzaamheid ook en het teruggetrokken leven dat hij bewust is aangegaan om te kunnen schrijven -- en dat meteen ook de reden is om brieven te schrijven, als een middel om toch nog contact te houden met de buitenwereld. Met als resultaat een der boeiendste brievenverzamelingen die er bestaan.
[Jan Baes]
NBD Biblion
Hans Renders
De brieven van Gustave Flaubert 1821-1880) beslaan vier Pleiadedeeltjes, uitgeverij De Arbeiderspers…
De brieven van Gustave Flaubert 1821-1880) beslaan vier Pleiadedeeltjes, uitgeverij De Arbeiderspers heeft daar in de loop der jaren aantrekkelijke bloemlezingen uit samengesteld. 'Geluk is onmogelijk' sluit aan bij de brieven aan Louise Colet: 'De kluizenaar en zijn Muze' (1983). Flaubert koketteert een beetje met zijn weerzin tegen de mondaine wereld, hij werkt alleen maar in deze periode, aan zijn historische roman 'Salammbô'. De getergde meester correspondeert op elegante wijze met zijn nichtje, met schrijfsters die hem om intellectuele raad vragen ('U hebt te veel gelezen om oprecht te geloven.'), met prinses Mathilde, met zijn jeugdliefde Elisa Schlesinger, maar ook met Baudelaire, de gebroeders Goncourt en Toergenjev. In een steeds aantrekkelijke stijl geeft Flaubert adviezen, beoordeelt hij zijn tijdgenoten en is vooral doorlopend in de weer om op hoffelijke wijze iedereen op afstand te houden. Een prachtige karikatuur van Eugene Giraud op het omslag. Kleine druk.